Recensie: Georges Perec – De dingen

Onderstaande recensie is op 26 december 2025 verschenen op 8weekly.nl: zie hier.


Het eerste hoofdstuk van De dingen is Perec ten voeten uit: het boek opent met een ietwat oeverloos aandoende, nauwgezette beschrijving van een ouderwets-elitair ingericht appartement. Maar wat volgt is een opmerkelijk goed te volgen narratief dat in een heldere chronologie en zonder al te veel digressies wordt gepresenteerd.

Het is pas na het stilleven van de openingspassage – die leest als de beschrijving van een filmdecor en de manier waarop een camera dat decor zou moeten filmen – dat de protagonisten van het boek, Sylvie en Jérôme, worden geïntroduceerd. Bij het vertellen van het verhaal van deze personages lijkt Perec het principe show, don’t tell te hebben omgekeerd: De dingen bevat maar weinig afgebakende scènes, en bestaat hoofdzakelijk uit een aaneenschakeling van diepgaande analyses van de beweegredenen van Sylvie en Jérôme en van de patronen en gewoontes die hun leven kenmerken.

Het tell, don’t show dat Perec als uitgangspunt voor deze korte roman heeft gekozen, zorgt ervoor dat – zoals Manet van Montfrans in haar nawoord bij De dingen ook noemt – Sylvie en Jérôme in deze roman in feite niet waarlijk als personages fungeren. Zij staan eerder symbool voor de generatie die in de jaren ’60 voor het eerst in aanraking kwam met de consumptiemaatschappij. Ook al was Perec er niet bepaald door gecharmeerd, het feit dat hij naar aanleiding van de publicatie van De dingen tot socioloog van de consumptiemaatschappij werd gebombardeerd, heeft hij toch echt grotendeels aan zijn eigen keuze voor deze metapsychologische verteltrant te danken.

Symbool van een generatie

En inderdaad is er een meer romanachtige versie van De dingen denkbaar, waarin Sylvie en Jérôme als individuen meer uitgewerkt zouden zijn, waarin wij meer leren over hun achtergrond en de eigenaardigheden van hun relatie en waarin meer directe rede zou zijn gebruikt. Het boek was dan eerder opgevat als een vertelling met een maatschappijkritische ondertoon. Het is voor de geïnteresseerde lezer misschien de moeite waard om te onderzoeken of meer recente boeken zoals De perfecties van Vincenzo Latronico – waarvoor De dingen als inspiratiebron diende – of The Anthropologists van Ayşegül Savaş misschien niet waarlijke roman-manifestaties van De dingen zijn.

Doordat het boek niet in scènes is opgebouwd, komen Sylvie en Jérôme als karakters niet helemaal tot leven en voelt de tekst vrij analytisch aan. Maar toch is het vertelperspectief effectief. De analyses die Perec presenteert worden met grote regelmaat geïllustreerd aan de hand van pijnlijk concrete details die de tragiek en de noodlottigheid van het materialistische doolhof waarin de twee zich bevinden voor de lezer voelbaar maken. De lezer krijgt het gevoel met de neus op de feiten van de kapitalistische samenleving te worden gedrukt.

Het zijn die ludieke details waar Perec de lezer voortdurend op trakteert, die maken dat De dingen absoluut geen grote droge hap is. Zij zorgen ervoor dat het boek, als schets van een meerjarige psychosociale ontwikkeling van een individu dat tot een bepaalde bevolkingsgroep behoort, toch uitermate levendig aanvoelt.

De dingen: een debuut als warming-up voor later werk

Het boek leest dus zeker niet als een sociologisch onderzoeksrapport. Sterker nog, De dingen is misschien wel een perfect boek voor wie behoefte heeft aan een inleiding tot het werk van Georges Perec: het verhaal is uniform qua perspectief, wordt in een redelijk zuivere chronologische volgorde verteld, en de metapsychologische analyses zijn toegankelijk geschreven. Het boek kent geen lange uitweidingen, geen labyrintische fractale effecten, geen enigmatische perspectiefwisselingen en geen ingewikkelde syntactische constructies. Kortom, de elementen die gemeenplaatsen zijn in veel van Perecs latere werk en die een groot deel van zijn oeuvre wat ontoegankelijk van aard maken. En toch bevat De dingen de aandacht voor sprekende details en onmiskenbare blijken van vertelplezier die voor Perec zo kenmerkend zijn.

De dingen heeft de kiemen van de typische, ingewikkelde Perec-stijl in zich die in latere boeken tot volle bloei zouden komen. Maar in dit boek lijkt Perec zich op dat vlak nog enigszins in te houden. Het boek is daarmee een toegankelijke instapper voor wie het werk van Perec beter wil leren kennen. Wie al is ingewijd in de wereld van deze fascinerende schrijver en een bewondering koestert voor de literaire vrijheid die Perec zich in zijn andere boeken zo duidelijk permitteert, zal De dingen misschien niet roemen als Perecs belangrijkste literaire verdienste. Het boek is immers wat ‘gewoontjes’ en redelijk conformistisch in vergelijking met zijn andere werk. Maar De dingen is wel een van de weinige boeken waarin Perec zich relatief onverholen maatschappijkritisch uitlaat. En dat is dan wel weer bijzonder.


Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *